Verpleger? Wat goed!

Hysterische waardering voor mijn werk. Als ik ergens een hekel aan heb is dat het wel. Sommige mensen maken het echter nog bonter.

Op feestjes en partijen is het een onvermijdelijk gespreksonderwerp: het werk. ‘Zeg wat doe jij eigenlijk voor de kost?’ Ik ben altijd huiverig voor dat moment. Mensen reageren immers nooit normaal wanneer ik vertel dat ik verpleegkundige ben.

‘Ben jij verpleger? Jeetje wat goed zeg, daar heb ik echt respect voor!

‘Nee, ik ben verpleegkundige, geen verpleger.’

‘Ja verpleger, dat zeg ik. Pittige baan hoor, keihard werken toch? Petje af, echt, van mij zouden jullie wel wat meer mogen verdienen.’

Wanneer een gesprek op een dergelijke manier verloopt hanteer ik twee strategieën. De eerste is keiharde ontkenning. Ik vertel dan dat ik een zeer relaxte functie heb, waar ik absurd veel voor betaald krijg. ‘Eerlijk gezegd’, vertrouw ik de ander dan toe, ‘zou het qua inkomen best een beetje minder mogen.’ Als dat niet helpt vraag ik mijn gesprekspartner waar hij of zij geld mee verdient. Op het antwoord reageer ik dan net zo hysterisch. ‘Ben jij jurist? Jezus wat goed man! Dat is toch keihard buffelen? Echt belachelijk dat jouw vak zo ondergewaardeerd wordt.’

Hoewel hysterische waardering al een verzachtende omstandigheid is waar het gaat om moord of doodslag, zijn er mensen die het nog bonter maken. Zo sprak ik onlangs op een bruiloft een internist in opleiding. Het was heel gezellig tot ze er achter kwam dat ik verpleegkundige ben.

‘Met weemoed denk ik terug aan mijn verpleeghulpstage’, zo vertelde ze. ‘Dat was echt zo’n gezellige tijd. Maar ja, nu sta ik aan de andere kant hè.’

‘Aan de andere kant?’  Ik had geen idee wat ze bedoelde.

‘Nou ja, je weet wel, dat verpleegkundigen absoluut vinden dat een patiënt niet met ontslag kan. Dat had ik vroeger dus ook, en dat snap ik ook best, maar als arts leer je daar anders naar kijken. Dan moet je soms hard zijn.’

Wat deze jonge dokter probeerde te zeggen is dat verpleegkundigen fantastische mensen zijn, met het hart op de juiste plaats. En dat het ongelofelijk goeiig van ze is dat ze het altijd zo liefdevol voor de patiënt opnemen. Maar ja, oog voor de bigger picture hebben ze niet, daarvoor moet je bij artsen zijn. Die zijn toch net even rationeler.

Hoewel het verleidelijk was om flink in discussie te gaan, heb ik vriendelijk geknikt en mezelf geëxcuseerd. Ik haat het als mensen mijn vak beledigen, maar om ruzie te trappen op een bruiloft? Nee, daar ben ik toch echt te lief voor.