Normaal zijn

Sinds een paar maanden ben ik als verpleegkundige gedetacheerd op de afdeling interne oncologie. Vrijwel alle patiënten die ik verpleeg hebben uitgezaaide kanker, een enkele uitzondering daargelaten. De meeste mensen komen voor chemotherapie om de ziekte te vertragen. Sommigen, voor wie geen reguliere behandeling meer bestaat, doen mee aan een medicijnstudie. Ook zijn er behoorlijk wat mensen die acuut zijn opgenomen in verband met pijn, obstipatie of andere malaise. Er heerst evenwel een goede sfeer op de afdeling. Zeg maar gerust dat het gezellig is. Je zou het wellicht niet verwachten, maar het gebeurt regelmatig dat mensen, wanneer het ontslag in zicht komt, er zeer tegenop zien om de buitenwereld weer te gemoed te treden. Die houding ben ik steeds beter gaan begrijpen. De afdeling is voor de meeste patiënten een bekende plek. Ze hebben er vaker gelegen. Ze kennen het personeel en weten dat ze in goede handen zijn. Mensen voelen zich er veilig, misschien zelfs wel thuis. Mede omdat de wereld buiten het ziekenhuis niet meer hetzelfde is. Kanker is een ziekte met een stigma. We associëren het met de dood en dat geeft problemen in relaties. Naasten van de patiënt weten zich soms maar moeilijk een houding te geven.  Een mevrouw met terminale kanker vertelde dat haar beste vriendin iedere keer in janken uitbarst als ze elkaar zien, en dat ze daar wel een beetje klaar mee is. Ze heeft juist behoefte aan de luchtige gezelligheid van vroeger. Een man met longkanker klaagt dat zijn gesprekken alleen nog maar over de ziekte gaan, terwijl hij het liefst gewoon over zijn kleinkinderen en de prestaties van Ajax praat. Wat ik ook regelmatig hoor is dat vrienden en bekenden afhaken. Pijnlijk maar waar. Ze weten zich geen raad met de situatie en, uit pure onmacht,  besluiten ze de patiënt te ontlopen. Hierin schuilt voor een belangrijk deel de gezelligheid op de afdeling. Bij ons ben je met uitgezaaide kanker geen buitenbeentje. Iedereen is ziek en vrijwel iedereen gaat eerder dood dan eigenlijk de bedoeling is. Op de afdeling kunnen mensen daarom gewoon zichzelf zijn, ondanks hun gestigmatiseerde ziekte. De pruiken gaan af. Met elkaar en met het personeel praten ze over Ajax, The voice of Holland en de soms bevreemdende ervaring van het ziek zijn. Ze zijn er normaal onder de normalen. Een rol die in de buitenwereld niet meer als vanzelfsprekend voor hen is weggelegd.