Kwetsbare ouderen

Albert Heijn, zaterdagmiddag, Amsterdam West. Het is loeidruk, wagens vol boodschappen, jengelende kinderen, chagrijnige hoofden en lange rijen bij de kassa’s. Dan, plots, zie ik drie plekken voor me een oud vrouwtje in de rij staan. Ze sleept zo’n ouderwets rijkoffertje met zich mee waar ze tergend langzaam haar boodschappen uithaalt en op de band legt. Onzeker om zich heen kijkend haalt ze haar grote portemonnee tevoorschijn. Iedereen in de rij weet: deze mevrouw gaat straks met muntjes betalen. De caissière zal, als ze aan de beurt is, het juiste bedrag bijeenscharrelen uit de bevende hand vol kleingeld. Mijn rijgenoten zuchten en steunen bij het zien van zoveel traagheid. Ze kijken om zich heen of er niet een kassa is die net even sneller gaat.

Het ziekenhuis heeft qua hectiek veel gemeen met een grootstedelijke Albert Heijn op zaterdagmiddag. Tijdens piekuren is het rumoerig, onrustig en onoverzichtelijk. Infusen piepen. Telefoons gaan continu af. Artsen, verpleegkundigen, brancardiers en fysiotherapeuten met overvolle agenda’s lopen gehaast naar hun volgende afspraak. Het grootste verschil zit hem in de populatie. Waar in de Albert Heijn het oude vrouwtje de uitzondering is, daar is ze in het ziekenhuis steeds vaker de regel. De vraag is of de houding jegens ouderen in het ziekenhuis nu zoveel beter is dan die van de zuchtende yuppen in de rij bij de supermarkt.

Natuurlijk, we houden keurig lijstjes bij. Wie voldoet aan de kenmerken van een kwetsbare oudere? Wie zou wel eens delirant kunnen worden? De kwaliteitsindicatoren worden netjes genoteerd in het elektronisch dossier. Tegelijkertijd wordt de hoogbejaarde man met gebroken heup van afdeling naar afdeling versleept, want op chirurgie was nog geen bed beschikbaar. Zijn operatie is tot twee keer toe uitgesteld. Uiteraard moet hij nuchter blijven, want je weet maar nooit of er nog een plekje vrijkomt.  Als hij - hoe verrassend! - een delier ontwikkelt is het gezucht niet van de lucht. Weer een bejaarde in een Zweedse band. En we hebben het al zo druk.

De cijfers zijn pijnlijk. Het ziekenhuis blijkt een levensgevaarlijke omgeving voor kwetsbare ouderen. Dertig tot zestig procent van de zeventigplussers verlaat het ziekenhuis slechter dan ze erin kwamen. Dat heeft niet te maken met de opname-indicatie, maar met ondervoeding, gebrek aan beweging en het risico op delier. De kans is groot dat delirante patiënten binnen een jaar overlijden, dementie ontwikkelen of naar een verpleeghuis moeten. Van de ouderen die acuut worden opgenomen sterft bijna een derde binnen drie maanden.

Na het afrekenen stopt de oude vrouw de portemonnee terug in haar jas. Haar aankopen bergt ze zorgvuldig op in de rijkoffer, de zware spullen het eerst. Ze moet goed opletten, want de boodschappen van de volgende klant belanden nu in hoog tempo tussen de hare. Als ze klaar is doet ze een klein stapje naar achteren. Een kind rent voorbij en tikt haar aan. Ze schrikt, wankelt, maar blijft gelukkig staan. Dit bezoek aan de supermarkt heeft ze weer overleefd. Een val had haar zomaar fataal kunnen worden.