Genees in de naam van Jezus!

Jan Zijlstra is gebedsgenezer. Bij de evangelische Levensstroom gemeente leidt hij iedere eerste zondag van de maand de genezingsdienst. De eerste keer dat ik in het kader van mijn studie zo'n bijeenkomst bezocht was ik diep onder de indruk. De grote zaal, de honderden mensen, het hand in hand zingen van gospelliederen, het vol emotie aanroepen van Jezus en de Heer. Ik kende het uit Amerikaanse films maar had niet verwacht dat zoiets ook in het Hollandse Leidschendam zou plaatsvinden.

Wanneer Jan Zijlstra, die oogt als een normale, vriendelijke man uit de provincie, het podium betreedt klinkt een luidt applaus. Hij verwelkomt iedereen, maakt een grapje en gaat de aanwezigen voor in een emotioneel gebed. Langzaam maar zeker werkt hij toe naar de handopleggingen, daar waar iedereen voor gekomen is. Rond het podium hebben de zieken en gehandicapten zich inmiddels verzameld. Sommigen in rolstoel, anderen met krukken, een enkeling met een zuurstoftankje. Als hij ze een voor een het podium op roept valt een verwachtingsvolle stilte. Hij vraag aan de mensen waar ze vandaan komen, wat ze mankeren en hoe lang de klachten al bestaan. Trillend en snikkend doen ze hun relaas. Dan is het eindelijk zo ver. Jan Zijlstra sluit zijn ogen, legt zijn hand op het voorhoofd van de ongelukkige en verkondigt op luide toon: 'In de naam van Jezus de Christus zeg ik u genees! Genees! Genees in naam van de zoon van God!'

Ik moest aan de wonderlijke bijeenkomsten van Zijlstra denken door een patiënt van mij. Hij had een tijdschrift van de Levensstroom gemeente op zijn nachtkastje liggen en we raakten er over aan de praat. De man was ernstig ziek. Zijn longkanker was uitgezaaid, de chemo had niet aangeslagen. Wat qua reguliere geneeskunde restte was drainage, zuurstof en goede pijnstilling. 'De artsen hebben mij opgegeven, vertelde de man, 'dat weet ik heus wel. Maar ik vertrouw op God en zijn zoon Jezus. Ik weet zeker dat ik zal genezen wanneer ik de dienst van Zijlstra bezoek. Je zal me wel voor gek verklaren maar zo voel ik dat nu eenmaal.

Zijn ogen twinkelde als hij sprak over de kracht van God. Meestal voelt het ongemakkelijk als mensen zo ontkennend richting het einde wandelen, maar bij deze man had ik er vrede mee. De muur van zijn kamer hing vol met kaarten. Stuk voor stuk steunbetuigingen van mede gelovigen uit zijn kerkgenootschap. Dat raakte me wel. Want of God hem nu wel of niet gaat genezen, mijn patiënt staat er in ieder geval niet alleen voor.