De dood leeft: een recensie

De tentoonstelling De dood leeft in het Tropenmuseum geeft een antropologische blik op de veelzijdige omgang met gestorvenen. Echt beroeren doet de tentoonstelling pas wanneer het sterven zelf wordt belicht. Grip krijgen op de eigen sterfelijkheid. Dat lijkt onbegonnen werk, aangezien het onvermijdelijke voor ons allemaal is weggelegd. Het is de meeste culturen evenwel gelukt het einde betekenis te geven door het te omlijsten met verhalen en bijpassende gedragingen. De donkere expositieroute leidt de bezoeker langs uiteenlopende belevingswerelden. Zo staan we stil bij een grote Balinese crematiestier die in de praktijk onderdeel is van een nog reusachtigere verbrandingstoren. Tijdens de dienst wordt de overledene in de mythologische stier geplaatst, die vervolgens in vlammen opgaat. Er om heen lijken mensen feest te vieren, maar dat is slechts schijn. Huilen is uit den boze omdat openlijk verdriet er voor zorgt dat de geest van de overledene het lichaam niet kan verlaten. Hoe anders gaat het bij de Ashanti, een Afrikaans volk. Op een video zien we een huiskamer waarin een vrouw ligt opgebaard. In een trage gang lopen mensen langs de kist om afscheid te nemen.  De emoties lopen hoog op. Vrouwen gillen, janken, slaan op de kist en praten tegen de overledene. Het intense verdriet, dat ietwat theatraal oogt, staat symbool voor de waarde die de overledene representeerde binnen de gemeenschap. De tentoonstelling biedt meer wonderlijke inkijkjes. We lezen over islamitische begrafenissen en zien Chinezen wierook en geld branden om de voorouders te ‘voeden’. Onze eigen wereld komt er wat bekaaid af. Geloofwaardige verhalen rond de dood hebben we immers niet meer, nu vrijwel niemand meer in God en de hemel gelooft. Toch wordt dat tekort ruimschoots goed gemaakt met een kleine fotoserie van Walter Schels waarin niet de omgang met overledenen centraal staat, maar juist het sterven zelf. De echtgenote van de fotograaf, Beate Lakotta, sprak met mensen vlak voor hun dood over het naderende einde. Een man vertelt dat zijn vrienden niet met hem over het sterven wil praten. Hij voelt zich daarom eenzaam. Hij krijgt wel visite in het hospice, veel zelfs, maar de mensen wensen hem beterschap of zeggen bij het afscheid ‘wordt snel weer de oude!’ Een andere man, die ook in een hospice verblijft, vindt het eng om dood te gaan. Wanneer zijn buurvrouw in het hospice is overleden besluit hij een kijkje te nemen. Na haar aanblik is hij gerustgesteld. De prachtige verhalen worden vergezeld door foto’s van de mensen. Eentje voor het overlijden en eentje erna. Het sterven is hen allemaal gelukt en de foto’s maken van de dood iets geruststellends. Sterven is kennelijk zo moeilijk nog niet.