De dokter en de dominee

Deze column verscheen in Kracht, het magazine van KWF Kankerbestrijding.

Wie rookt krijgt longkanker en anders wel COPD. Buitensporige drinkers riskeren celwoekering in slokdarm en levercirrose. Een te dikke buik leidt op termijn tot hartfalen en diabetes. Vrijwel dagelijks lezen we in de krant over de samenhang tussen gedrag en ziekte. Inactiviteit en borstkanker, marihuana en teelbalkanker, de lijst is schier oneindig.

Hoewel dergelijke kennis voortkomt uit modern wetenschappelijk onderzoek, is het maatschappelijk effect haast klassiek religieus van aard. Vroeger stond er een boze dominee op de kansel hel en verdoemenis te preken voor een ieder die niet streng in de leer was. Tegenwoordig geloven nog slechts weinigen in een hiernamaals. Ons richtpunt is een lang en gezond leven op aarde. Het opgeheven vingertje van de dominee is echter niet verdwenen. Wie de hedendaagse gezondheidsgeboden overtreedt gaat niet naar de hel, maar zal volgens medici gestraft worden met ziekte, beperking en een vroegtijdige dood.

Deze visie op het leven kent zeker voordelen. Net als bij klassieke religies creëert het een gevoel van grip, van controle. Zolang ik me gezond gedraag zal het lijden aan mij voorbij gaan. Voor de samenleving als geheel is het zelfs uitgangspunt van beleid.

Nadelen zijn er ook. Statistiek levert dan wel nuttige kennis, op het niveau van het individu biedt het nauwelijks garanties. Ik verpleegde ooit een man, eind vijftig, vader van twee kinderen. Zijn hele leven stond in het teken van sport. Hij was atletisch van bouw, at gezond en had nooit gerookt. Volgens de morele standaard had hij niets fout gedaan en toch werd hij ernstig ziek. Tot aan zijn dood was dat een enorme frustratie. Een moderne variant op het ‘mijn God, mijn God, waarom heeft u mij verlaten?’

De andere kant van de medaille is niet veel fraaier. Wie zijn leven lang als een ketter rookt en vervolgens longkanker ontwikkelt heeft er naar hedendaags inzicht zelf om gevraagd. De socioloog Allan Kellehear beschrijft de eigen schuld dikke bult manier van sterven als Shamefull death.

Een paar jaar terug werkte ik op een longafdeling van een Amsterdams ziekenhuis. Ik had in de ochtend een vrouw opgenomen die voor een scopie van de luchtwegen kwam. Een foto had afwijkingen laten zien, nu zouden ze wat ‘hapjes’ nemen ter verdere diagnostiek. Dat het kanker was stond vrijwel vast. Na de lunch trof ik haar huilend op het randje van het bed. Zij wilde heel graag beneden een sigaretje roken, maar daar schaamde zij zich diep voor, juist omdat het roken haar ziekte had veroorzaakt. ‘Jij zal het ook wel belachelijk vinden’, snikte ze.

Ik heb haar in een rolstoel gezet en naar buiten gereden. Op een  bankje voor de ingang rookten we samen een sigaret. Of de directie van het ziekenhuis dat allemaal op prijs stelde weet ik niet, maar we hadden een goed gesprek en de rest van de opname ervoer ze mij als een veilig baken. Mij heeft de bijzondere ontmoeting ook niet onberoerd gelaten. Een week later ben ik definitief met roken gestopt.